Systeemstart

Zorg ervoor dat alle PE- en stroomkabels en communicatiekabels correct zijn aangesloten voordat u het systeem start.

1

Stroomonderbreker/scheidingsschakelaar

2

On/Off-toets

Volg de stappen om het systeem op te starten:

  1. Schakel de stroomonderbreker/scheidingsschakelaar van de batterij in.
  2. Druk op de On/Off-toets om het systeem te starten.
  1. Het batterijsysteem is ingeschakeld.

Configuratie na het opstarten van het systeem

Standaard zijn First Tower en Last Tower bij levering geactiveerd.

Als er slechts één toren wordt gebruikt, moeten First Tower en Last Tower tegelijkertijd op deze toren worden geactiveerd.

Bij een parallelschakeling van meerdere torens moet First Tower alleen worden geactiveerd op de toren die is aangesloten op de omvormer. Op alle andere torens moeten First Tower en Last Tower worden gedeactiveerd. Alleen op de laatste toren moet Last Tower worden geactiveerd. Parallelle schakeling van torens